Mhamid de poort naar de woestijn.

 

 

Heenreis

 Assilah

 Larache

Rabat

El Jadida

Oualidia

Safi

Essaouira

Taghazoute

Guelmim

Tan Tan

SidiAkhfennir

Tiznit

Tafraoute

Taroudant

Taliouine

Agdez

Zagora

Ouarzazate

Todra/Dades

ABenhaddou

Marrakech

Terugreis

Reisafstand

Links

 

 

Bijzonderheden over Mhamid.

Mhamid  is de laatste groenige oase in de Draa-vallei, hier verdwijnt de rivier de Draa in de grond. Ook houdt hier de verharde weg op en begint een zanderige piste naar het buurland Algerije (40km), Foum Zguid en jebel Bani. Dit zanderige stadje is het uitgangspunt van tochten door de woestijn, op kamelen of jeeps naar erg Yehoudi op 8 km afstand en/of de duinen van Chigaga, 55 km vanaf Mhamid. De campings terplaatse regelen de excursies. Ook in Zagora kun je dergelijke trips bespreken.

 

Woensdag 5 april

Toen we de deur van de camper openden, priemden de warme zonnestralen door de machtige palmen. Na een stevig ontbijt even naar de receptie gelopen om af te rekenen. De somma van 45 dirham waren we kwijt. Om tien uur reden we de poort uit. Aan het eind van het weggetje bij het hotel rechtsaf gegaan, de P31 op. Het plan was om de zandduinen van Tinfou en Mhamid te bewonderen, de omgeving te verkennen en een paar nachten op de camping te blijven. Onze koffiestop was in Tamegroute, een echte woestijnstad met lemen huizen waar veel pottenbakkers gevestigd zijn. In het centrum van de stad ligt de koranschool uit de 17e eeuw, gesticht door  Mohammed Ben Nassir. Door zijn vele reizen naar islamitische landen bracht Mohammed talrijke boeken mee over astrologie,geneeskunde, korans, theologie en andere onderwerpen. Deze zijn te bezichtigen in de koranbibliotheek, toegang gratis. Toen we net aan de koffie zaten werden we door een jongen uitgenodigd om de bibliotheek en de zawija, overdekte straatjes in de stad te bezoeken. Hij zou dan onze gids zijn. Hebben we geen gebruik van gemaakt. Na de koffie doorgereden naar de zandduinen van Tinfou. Toen we daar aankwamen was van de mooie duinen weinig overgebleven en vonden we slechts zielige hoopjes zand, de felle winterwinden van 1999 zijn hier verantwoordelijk voor. Na Tinfou loopt de weg dwars door de woestijn van roestrode aarde en stenen. Eindeloze droge uitgemergelde vlaktes gaan aan je voorbij. Als je er nog nooit geweest bent kun je je er geen voorstelling van maken. Vegetatie is er niet, hier en daar een woestijnplant met gele bloemen. In het stadje Amagan zijn we gestopt om te lunchen. Na een half uurtje

 verder gereden. Na een aantal kilometers doemden er een flinke bergpartij op met toppen van rose/rode graniet. Even gestopt om dit alles in ons op te nemen en te fotograferen. Toen we het gebergte naderden veranderde de tweebaans weg in een éénbaner met uitwijkstroken om in te halen, vol kuilen en gaten. Onze diesel moest flink werken om boven te komen. Regelmatig kregen we tegenliggers en inhalers, wolken stof vlogen ons om de oren, het zicht werd daardoor enige momenten beperkt. Ook krijg je soms te

 maken met een bus als tegenligger, die rijden met hoge snelheid en gaan je rakelings voorbij. Toen we in de buurt van de kasba

 Oulad Driss kwamen begon het stevig te waaien. Inmiddels reden we door een zandwoesternij. De smalle weg slingerde zich door een gebied van zandduinen die flink stoven. De lucht werd geel en donker. De palmentuinen aan beide zijden van de weg waren nauwelijks zichtbaar. Naarmate we in buurt van Mhamid kwamen des te heviger het begon te waaien. Een flinke zandstorm was

 opgestoken. Het zicht was minimaal, de weg nauwelijks goed te zien. We kropen met een slakkengang vooruit. Ramen en luiken dicht, overal zand, er werd aan de wagen gerukt en getrokken. Grote lichten aan, in een bocht de luchthoorn laten loeien. Ga vooral de weg niet af, je komt in het mulle zand terecht met alle gevolgen van dien. Voor we er erg in hadden reden we Mhamid binnen.

 Vaag waren de omtrekken van de huizen te zien, overal zand en een gierende wind. Op een parking bij een restaurantje hebben we de wagen neergezet. Even hebben we de wagen verlaten, zakdoeken voor de mond, ogen half dicht geknepen. Dit moesten we filmen, zoiets onstuimigs, zoiets ongewoons voor ons. Midden in dit geweld werden we aangeklampt door een jongen. Of we een

 kamelenrit door de woestijn wilden of een tocht peer jeep. "Nu".....gilde ik!!! Zand striemde in mijn gezicht en stoof tegen mijn benen, het leek net of iemand met schuurpapier bezig was. Mhamid, de zandduinen en de camping konden we wel vergeten. Zo goed en zo kwaad het ging zijn we omgekeerd, weg uit dit inferno, weg uit die zandtroep. Toen we weer op de smalle asfaltweg zaten, werd de lucht donkergelig en grauw, het zicht was minimaal, vaag konden we het zwarte asfalt tussen het zand

 onderscheiden. Nog heviger werd aan de wagen gerukt en getrokken, het werd benauwd in de wagen, aan de luwzijde hebben we het portierraam op een kiertje gezet. Ventilator uit. Vaag zagen we aan onze rechter zijde de camping voorbij gaan, er was geen levende ziel te bekennen. Toen we het stadje Mhamid achter ons gelaten hadden begon de weg te stijgen, we moesten een hoogteverschil van 747 meter overbruggen om over de pas Tizi Beni Selmane te komen. De lucht was nog steeds donkergeel en behoedzaam zijn we de laagvlakte ingedoken. Hier kregen we te maken met een mix van zand en roodachtig stof en onverwacht hevige rukwinden. We konden de wagen nauwelijks in bedwang houden, je moest het stuur stevig en vast in de handen knellen, onze snelheid was minimaal. Er waren gelukkig geen tegenliggers en als we er één tegenkwamen, dan reed ook hij met een slakkengang, claxonneerde veel en voerde groot licht. Toen we bij de rivier de Draa kwamen zijn we even over het bruggetje aan de

 linkerzijde van de weg gestopt om wat foto's te maken. Hevige rukwinden beukten tegen de camper. De palmen voor ons bogen gevaarlijk in onze richting. Toen ik het zijportier opende vloog een golf fijn zand en rode stof naar binnen. Het portier werd bijna uit mijn handen gerukt. Ver voorover gebogen ben ik richting Draa gelopen. Het venijnige zand stoof in mijn gelaat en tegen mijn blote benen. Mond en ogen moest ik met een doek beschermen. Het fototoestel had ik in een plastic zak gedaan. Je moet dit één keer in je leven meegemaakt hebben! Dit is ook Marokko!!! Maar heel even heb ik opnames van het stuifzand en de Draa gemaakt. De

 hoge palmen aan de oever zwiepten heen en weer. Het leek net of de storm nog verder aanwakkerde. De camper was bijna niet meer te zien. Bizar....bizar! Met moeite kon ik me in de wind staande houden, mijn ogen traanden, het ademen ging moeilijk, de doek voor mijn mond hielp. Terug in de wagen moest ik echt op verhaal komen. Wat een natuurgeweld daar buiten. Mijn haar, oogkassen, neus en mond zaten vol zand. Alles kleefde en plakte. Met de storm in de rug zijn we behoedzaam verder gereden.....een ervaring rijker!  Tot in Tamegroute bleef het stormen en stuiven. Bij een verkooppandje met aardewerk zijn we gestopt. De jonge verkoper nodigde ons uit binnen te komen......weg van de storm. Het bleef waaien, zandwolken stoven voorbij. Het was een verademing om in de aardewerkhal te zijn. De jongen had een ruime keus aan groen geëmailleerd aardewerk, de specialiteit van de streek. Toen we een keus hadden gemaakt en naar de prijs vroegen, nodigde hij ons uit voor de thee in een speciale tent binnen de

 ommuring van een soort binnenplaats. Daar zouden we over de prijs spreken. Uit een zilveren theepot met lange schenktuit goot de jongen van enige hoogte de warme thee in de glazen mokjes en onder het genot van het mierzoete drankje begon het onderhandelen. De jonge verkoper begon met 150 dirham, we kregen de koopwaar in ons bezit voor 85 dirham. Na mijn schuld betaald te hebben

 vroeg hij ons een presentje voor zijn "petit enfants". Van onze kleinkinderen hadden we oude autootjes en tolletjes meegekregen. Die kregen hier een goede bestemming. Toen we weer vertrokken werden we hartelijk uitgewuifd. Om half vijf reden we weer camping Amezrou in Zagora binnen en genoten van de rust in de prachtige palmentuin. De wagen zat onder het rode stof en overal zand. Hebben we voorlopig zo gelaten. De dagteller stond op 187 kilometer.